Morus Bassanus

De Jan van Gent is een grote zeevogel met lange smalle vleugels (spanwijdte 170-180 cm) en een gestroomlijnd lichaam (lengte 70-100 cm). Vooral dankzij de kop met het gele achterhoofd, de grote spitse snavel en de zwarte, onbevederde delen rond het oog is de Jan van Gent een onmiskenbare vogel. Jonge vogels zijn nog bruin en krijgen geleidelijk steeds meer wit in het verenkleed, tot de vogel na vier tot zes jaar uiteindelijk geheel wit is.

De Jan van Gent is een echte zeevogel. In totaal brengt hij zo'n driekwart van zijn leven vliegend boven zee door. Hij heeft een regelmatige, directe vlucht. Zijn vleugelslagen zijn vrij snel en regelmatig met af en toe een glijvlucht. Soms vliegt hij op zeeniveau, maar meestal op een hoogte van een meter of 10 boven zee.
De vogels eten alleen vis en hebben een opvallende manier van jagen. De Jan van Gent duikt vanaf een meter of 30 hoogte loodrecht in zee en jaagt de prooi ook onder water na. Onder de huid bevinden zich luchtkussens die de klap van de vogel op het water opvangen.

De vogels broeden in kolonies op steile kusten langs het noordelijke deel van de Atlantische Oceaan. De broedparen blijven hun hele leven bij elkaar en leggen slechts één ei per broedsel.
Jan van Genten zijn het gehele jaar door te zien langs de Nederlandse kust, maar zijn het meest talrijk in het najaar.